Recensie Freestone -The Temple of Humanity

Prof. Freemasonry M.Davies

University of Leiden; The Netherlands

 

 

 

cover

 

The Temple of Humanity is baanbrekend. Niet alleen door wat het vertegenwoordigd, maar ook door hoe dit wordt gepresenteerd. De composities, performance, opnamen en de presentatie van de cd voldoen aan de hoge, tegenwoordige professionele standards. Natuurlijk gaan de meeste credits naar Harm Timmerman. Het concept, de muziek en de fascinerende teksten zijn van hem. Ik kom nog terug op muziek en teksten, want daarin ligt niet zijn enige bijdrage. Met behulp van moderne digitale multi-tracking opnametechnieken, heeft hij de elektrische en akoestische gitaar en basgitaarpartijen voor rekening genomen, net als de synthesizers en het programmeren van midipartijen. Afhankelijk van het karakter varieert zanger Diederik Huisman zijn benadering van een nummer. Zijn performance is eerlijk en overtuigend en zijn transatlantische uitspraak past perfect bij het genre. De instrumentale prestaties zijn zeer goed. De saxofoon van Alex Simu is dan weer zacht, dan weer volhardend of op sommige momenten jazzy en zijn dwarsfluitpartijen hebben een heldere en aantrekkelijke toon. De cello van Floor Groeneveld in ‘Turn the key’ is een mooie toevoeging aan het nummer. Theun Supheert op drums levert een krachtige basis van gevarieerde, subtiele en nooit te aanwezige pop- en softrock grooves. Co-composer/arranger Bauke van der Laaken heeft indrukwekkend werk geleverd. Dankzij zijn mixing- en masteringskills is de overall sound kristalhelder en zijn zang- en instrumentpartijen goed in balans.

De verpakking en het booklet bevatten wonderbaarlijke kunst. Direct op de tweede pagina vinden we een citaat uit Mattheüs 7.7.: zoek en gij zult vinden; vraag en u zal gegeven worden; klop en u zal worden open gedaan. En afkomstig uit ‘The Muses' Threnodie by H. Adamson (Perth, 1638) wordt geciteerd: ‘For what we do presage is riot in grosse, for we are brethren of the Rosie Crosse; We have the Mason Word and second sight; Things for to come we can foretell aright’. Direct vanaf dit begin moeten we ons misschien realiseren dat de teksten vol zullen staan met symboliek, metafoor en hun betekenis. In deze korte recensie zal ik een paar voorbeelden noemen. U kunt de CD zelf aanschaffen om de rest te ontdekken.

In het eerste nummer vinden we verbluffende tekst in het tweede couplet:

‘A peculiar system of morality Point within a circle, between compass and square I came from nowhere I found a way to Turn the key To be what I should be Can I know the unknown Can’t do it on my own’

Het volledige citaat: ‘A peculiar system of morality, veiled in allegory and illustrated with symbols’ wordt nog steeds vaak gebruik als een definitie van Vrijmetselarij. De tekstdichter vervolgt zijn lyrics met het noemen van dergelijke symbolen: cirkel, punt in de cirkel, passer en winkelhaak. Dan volgt een belangrijke doelstelling voor iedere Vrijmetselaar: to be what he should be; in feite: zichzelf kennen. Het gegeven dat hieraan moet worden gewerkt houdt in dat we dit nog niet hebben gerealiseerd, maar ‘Can I (eventually) know the unknown?’ We kunnen onszelf niet leren kennen zonder de hulp van onze broeders. Ziehier, een paar compacte zinsneden die al erg veel zeggen. En dat geldt voor veel van de teksten en zinsneden van de nummers op het album.

‘Children of the Widow’ verwoordt de eenzaamheid en wanhoop die we allemaal kunnen voelen en ons soms kan laten schreeuwen om hulp zoals dat in één van de graden wordt verwoord. ‘Out of the dark’ refereert (met een knipoog – hoop ik) naar de mythische ontstaansgeschiedenis van de Vrijmetselarij, zoals we die vinden in Anderson’s constitutions en nog eerder in The Old Charges. Atlantis, Egypte, Moriah, Salomo, de dood en opstandig van Christus en de Tempeliers, worden allemaal in het gedicht genoemd. Maar met een serieuze onderliggende boodschap.

Dat de Christelijke traditie van Egyptische oorsprong is, is het thema van een bijzondere, van een klassiek koor met Latijnse tekst voorziene track op het album. In Rome staat een stenen olifant, daarop een obelisk en daarop een kruis. Het geheel lijkt een tweeledige betekenis te hebben: het Christendom staat hoger dan de Egyptische mysteriegodsdiensten, maar de basis van het Christendom ligt in Egypte. De Latijnse tekst: ‘Documentum intellige robustea mentus esse solidam sapientiam sustenere’ betekent: laat dit symbool u eraan herinneren dat er een sterk verstand voor nodig is om de waarheid te kunnen verdragen; een besef waarvan de olifant het symbool is. In de sokkel vinden we de Latijnse zin.

Het binnenste van een loge wordt vaak gezien als een heilige plek, een plek afgescheiden van de buitenwereld waar Vrijmetselaren kunnen werken met een gevoel van vrede en geborgenheid. Dit gevoel wordt verwoord in veel liederen uit de 18e eeuw en later. Het thema komt ook terug in één van de composities van Freestone.

‘Walking through this sacred place Vengeance can’t be found If you may fall, you´ll be embraced with love he’ll stand and get around keep on going by a guiding hand Feeling free and accepted in a better land’

Dit nummer refereert duidelijk aan ‘In diesen heil'gen Hallen’ en de tekst van Emanuel Schikaneder’s: ‘In diesen heil'gen Hallen Kennt man die Rache nicht, und ist ein Mensch gefallen, führt Liebe ihn zur Pflicht. Dann wandelt er an Freundes Hand Vergnügt und froh ins bessre Land.’

In het bijbehorende kunstwerk in het booklet zien we de foto waarvan men het over het algemeen eens is dat het een weergave is van Schikaneder die naast Mozart in hun loge in Wenen zit.

Het betreft misschien niet ‘Dé’ muziek van de Vrijmetselarij, zoals de ondertitel van The Temple of Humanity suggereert, maar het album is absoluut een belangrijke toevoeging aan de catalogus van muziek die is geschreven door Vrijmetselaren. Het album is bovendien zeker interessant voor niet-vrijmetselaren. Naudot, Mozart, Sibelius and Pijper waren componisten die muziek schreven voor hun tijd. Sommige van Pijper’s zes adagios, geschreven voor gebruik in zijn loge in Rotterdam, klinken dissonant en modern, nu nog steeds. Ook deze adagios, net als de muziek en teksten op The Temple of Humanity staan vol met maçonnieke symboliek. Hoewel niet alle van de twaalf tracks (bijna 50 minuten muziek) geschikt zijn om in een loge te worden gebruikt, zie ik dit album wel als in een directe lijn met de composities van de eerder genoemde componisten.

De stijl van de muziek zelf doet vaak denken aan 80’s pop, maar met hedendaagse sounds, dus het heeft niet iets agressiefs of controversieels. Ik kan me voorstellen het album goed gaat verkopen in Amerika Engeland en Engelssprekende landen. Ik denk echt dat Vrijmetselaren blij moeten zijn met een creatie zoals dit, dat bewijst dat de cultuur van de Vrijmetselarij leeft en zich voorwaarts beweegt. Wat betreft muziek, de poëzie, de kunstwerken, absoluut iets voor in de collectie van de enthousiaste mason, maar het album is in het geheel niet alleen interessant voor Vrijmetselaren, integendeel. De muziek en het artwork zijn van deze tijd en het album laat zien dat er in het aanbod van popmuziek en de veranderende muziekindustrie ruimte is voor iets nieuws.

Prof. Dr. Malcolm Davies Bijzondere Leerstoel Vrijmetselarij Faculteit van Godsdienstwetenschappen Universiteit Leiden